Laatst zag ik een erg vermakelijke show van Paulien Cornelisse, waarin zij onder andere besprak hoe bizar het eigenlijk is dat we tegenwoordig spreken over ‘in het moment zijn’. Vroeger moest je óp een bepaald moment iets voor elkaar krijgen. Probeer dat maar eens, het is niet te doen. Voor je het weet zit je voor of na het moment. Nu moet je dus zelfs geheel opgaan ín het moment. Toch lijkt ons dat de afgelopen weken goed af te gaan.

Momentopname

We vragen ons angstig af hoe het straks verder moet, want het leven zal wel nooit meer hetzelfde zijn. Terwijl we, wanneer we proberen een klein beetje uit het moment te zoomen, kunnen zien dat veel vaak binnen afzienbare tijd na een crisissituatie weer hetzelfde is als daarvoor. Is antisemitisme bijvoorbeeld ooit echt weg geweest sinds de tweede wereld oorlog? En uit het alles verenigende Europa stappen is binnen 75 jaar voor sommigen zelfs een doel geworden. Naast onze gedachten zijn ook onze inkopen voor gericht op dit moment. Afhankelijk van waar je woont hamster je toiletpapier, piepkuikens of wapens… We blazen het moment geweldig op en verzwelgen er volledig in, zo lijkt het. Nu het publieke leven tijdelijk vrijwel helemaal stil staat, grijpen we alles aan om niet geconfronteerd te hoeven worden met onze eigen hersenspinsels. Gedachten over wie we zijn of wat ons in de huidige situatie gebracht kan hebben.

Stemmen uit het verleden

De beste manier voor mij om even helemaal op te gaan in het moment, is wanneer ik een boek lees. Of ben je dan juist helemaal uit het moment? Laatst las ik ‘Slaven in de familie’ van Edward Ball. Een in 1999 verschenen Nederlandse vertaling van een Amerikaans boek, waarin een afstammeling van een plantage eigenaar op zoek gaat naar zijn familiegeschiedenis. Dat wil zeggen, de zwarte kant ervan. De geweldige verhalen van zijn voorvaders kende hij wel, maar hij was vooral benieuwd naar de geschiedenis van de arbeiders op de plantages. Wie waren ze en wat is er van hen terechtgekomen? In zijn eigen familie wordt zijn onderneming met veel argwaan en boosheid ontvangen. Bij de afstammelingen van de tot slaven gemaakten, wordt zijn intentie over het algemeen meer gewaardeerd. Eindelijk iemand die hun kant van de geschiedenis op papier wilde vastleggen en ontbrekende stukken kan proberen te vinden.  

Zwarte bladzijde

Het is een goed verhaal, waarbij mensen geïnterviewd worden die zelf nog als kind op de plantages hebben gewoond. De laatste ooggetuigenverhalen dus. Dankzij jarenlange administratie kunnen familiebanden en plaats van herkomst voor velen worden achterhaald. Er ontstaat een levendig beeld door de herinneringen van de families in combinatie met foto’s en wat er over is van de plantages. Maar het taalgebruik is in twintig jaar tijd erg verouderd. Toen het boek geschreven werd, was slavernij taboe en de schreeuw om gerechtigheid gaande. Maar dat betekende niet dat verslaglegging over deze kant van de geschiedenis gewaardeerd of het vernederende taalgebruik aangepast werd. Deze worsteling met onze gezamenlijk geschiedenis en strijd om gelijke behandeling gaat nog altijd door. Als ergens uit blijkt hoe lang het kan duren om wereldwijd een constructieve verandering door te voeren, dan is het hier.

Het verhaal over de slavernij is er dan ook een die van generatie op generatie vertelt moet worden. Niet alleen als geschiedenis, want voor velen op de wereld is het nog de bittere werkelijkheid. Maar als les, om in te laten zien wat onze manier van leven teweeg brengt. Zodat het niet langer een ver van ons bed show is en we ons realiseren dat wat we hier kopen, gebruiken en eten wereldwijde impact heeft. Als de huidige situatie ons iets zou kunnen leren, is het dat we onze ogen hiervoor niet meer kunnen sluiten.